De investeringsaftrek

De investeringsaftrek is de verzamelnaam van een aantal aftrekposten: de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA), de energie-investeringsaftrek (EIA), de milieu-investeringsaftrek (MIA) en de Research en Development Aftrek (RDA). Lees hier wanneer u gebruik kunt maken van de investeringsaftrek en wat de bijbehorende bedragen zijn.

Voorwaarden investeringsaftrek
Als u in een jaar meer dan € 2.300 (in 2012) investeert in bedrijfsmiddelen kunt u een deel van dat bedrag aftrekken van de winst. Van belang is wel dat u deze zogeheten investeringsaftrek aanvraagt in het jaar waarin u de betalingsverplichting aangaat, ook als dit nog niet tot aftrek leidt.

Neemt u het bedrijfsmiddel niet in het jaar van investering in gebruik, dan kan een bepaald deel van de investeringsaftrek doorschuiven naar een volgend tijdvak.

In bepaalde gevallen heeft u geen recht op de investeringsaftrek, bijvoorbeeld als een bedrijfsmiddel minder dan € 450,- kost. Onderaan dit artikel kunt u daar meer over lezen.

Bekijk ook: De ondernemersaftrek »

Overzicht investeringsaftrek
In het onderstaande overzicht staat per aftrekpost uitgelegd aan welke specifieke voorwaarden u moet voldoen, en wat de bedragen zijn die u kunt aftrekken.

Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA)
Voorwaarden:

  • U voldoet aan de voorwaarden voor de investeringsaftrek;
  • U investeert een bedrag tussen de € 2.300 en € 306.931.

Als uw bedrijf onderdeel uitmaakt van een samenwerkingsverband, dan moet u alle individuele investeringen bij elkaar optellen. Het percentage van de aftrek is dan gebaseerd op het gezamenlijke bedrag.

In onderstaande tabel kunt u zien welk percentage u in het kader van de kleinschaligheidsaftrek kunt aftrekken van de winst.

Tabel Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek 2012

Investering meer dan

Maar niet meer dan

Aftrek

-
€ 2.300
€ 55.248
€ 102.311




€ 306.931

€ 2.300
€ 55.248
€ 102.311
€ 306.931




-

0%
28% van het investeringsbedrag
€ 15.470
€ 15.470 verminderd met 7,56%
van het gedeelte van het
investeringsbedrag dat de
€ 102.311 te boven gaat
0

 

Kleinschaligheidsaftrek 2007 t/m 2011 »

Energie-investeringsaftrek (EIA)
Voorwaarden:

  • Het bedrijfsmiddel leidt tot een doelmatiger gebruik van energie;
  • Het bedrijfsmiddel mag nog niet eerder gebruikt zijn;
  • Het bedrijfsmiddel moet op de Energielijst staan;
  • In sommige gevallen is een bouwvergunning, Wbr-vergunning of een milieuvergunning nodig.

Wilt u gebruik maken van deze regeling, dan moet u digitaal de aanvraag doen bij het eLoket van AgentschapNL.

Als uw bedrijf onderdeel uitmaakt van een samenwerkingsverband, moet u alle individuele investeringen bij elkaar optellen. Het percentage van de aftrek is dan gebaseerd op het gezamenlijke bedrag.

Investeringen kunnen voor zowel de kleinschaligheidsinvesterings- als de energie-investeringsaftrek in aanmerking komen.

Bij een bedrag aan energie-investeringen in één jaar van boven de € 2.300 bedraagt de energie-investeringsaftrek 41,5% (was 44%). Dit percentage geldt tot en met 2013. In 2014 wordt het weer 44%.

Het maximale bedrag dat in aanmerking komt voor aftrek is in 2012 € 118 miljoen (in 2011 was dat € 116 miljoen).

Milieu-investeringsaftrek (MIA)
Voorwaarden:

  • Het bedrijfsmiddel is aangewezen als milieu-investering;
  • U maakt voor deze milieu-investering géén gebruik van de Energie-investeringsaftrek (EIA).

De Milieu-investeringsaftrek (MIA) wordt vaak gecombineerd met de Willekeurige Afschrijving Milieu-Investeringen (Vamil). Meer hierover vindt u op de site van AgentschapNL.

Tabel milieu-investeringsaftrek 2012 (tot en met 2013)

Categorie

Aftrek

I
II
III

36%
27%
13,5%

Milieu-investeringsaftrek 2007 t/m 2011 »

Research en Development Aftrek (RDA)
De RDA is gericht op de S&O-uitgaven van ondernemers die niet zien op arbeid, bijvoorbeeld investeringen in apparatuur en materialen. Het is een extra aftrekpost bij de fiscale winstbepaling.

De RDA bedraagt in 2012 40% van de door Agentschap NL vastgestelde kosten en uitgaven die direct toerekenbaar zijn aan S&O (erkend in een S&O-verklaring).

Uitzonderingsgevallen
In een aantal gevallen heeft u geen recht op investeringsaftrek:

  • Bedrijfsmiddelen zoals woonhuizen, grond, dieren en personenauto's die niet bestemd zijn voor beroepsvervoer. Vaartuigen voor representatieve doeleinden, effecten, vorderingen, goodwill en publiekrechtelijke vergunningen;
  • Bedrijfsmiddelen die zijn bestemd voor verhuur of voor gebruik in het buitenland;
  • Bedrijfsmiddelen die minder dan € 450,- per stuk kosten. Deze kunt u wel direct afschrijven van de winst;
  • Zaken die u van het privévermogen naar het vermogen van uw onderneming overgebrengt;
  • Investeringen waarvoor verplichtingen worden aangegaan tegenover personen die behoren tot uw huishouden, bloed- en aanverwanten in de rechte lijn of personen die behoren tot hun huishouden.
  • Als u een besloten vennootschap (BV) heeft:
    Investeringen waarvoor de BV verplichtingen aangaat tegenover personen of rechtspersonen die een nauwe band met uw eigen BV hebben. Ook in de omgekeerde situatie bestaat in principe geen recht op investeringsaftrek.

In de laatste twee situaties kunt u wel verzoeken om ontheffing voor de uitsluiting van de investeringsaftrek.

Desinvesteringsbijtelling
Verkoopt u een bedrijfsmiddel binnen 5 jaar na het begin van het jaar waarin u de investering deed, dan moet u de investeringsaftrek of een deel daarvan 'terugbetalen'. Dit doet u door de winst in het jaar van verkoop te verhogen met de desinvesteringsbijtelling.

Dit geldt echter niet als u voor minder dan € 2.300 aan bedrijfsmiddelen verkoopt in 2012.

Voor de berekening van de desinvesteringsbijtelling geldt het volgende:

  • Als de verkoopprijs lager is dan de aanschafwaarde, is de bijtelling een percentage van de verkoopprijs. Het gaat om het percentage dat u in het jaar van aanschaf ook voor de investeringsaftrek heeft toegepast.
  • Als de verkoopprijs hoger is dan de aanschafwaarde, is de bijtelling gelijk aan het bedrag dat u aan investeringsaftrek voor het bedrijfsmiddel heeft afgetrokken in het jaar van aankoop.

Overigens beschouwt de Belastingdienst het ook als verkoop als u het bedrijfsmiddel:

  • Bestemt voor verhuur;
  • Overbrengt naar uw privévermogen;
  • Niet binnen 12 maanden na de investering in gebruik neemt en binnen die periode ook nog niet 25% van de aankoopprijs hebt betaald;
  • Niet binnen 3 jaar in gebruik neemt
Auteur: Martin Krüger
Gemiddelde (0 Stemmen)
0 Reacties
Toon

Uw mening Uw mening

Welke bezuinigingsmaatregel komt bij u het hardst aan?