Concurrent of concullega?
In mijn stad ligt een plein waar alleen maar horeca is gevestigd, tientallen zaken broederlijk naast elkaar, met terras. Nu hoorde ik laatst iemand zeggen: "Ze zullen elkaar wel kapot concurreren". Dat is niet zo. Integendeel! De bedoeling is om mensen naar het plein te lokken, omdat het daar gezellig is. Waar ze dan gaan zitten, doet er niet zo veel toe. Zit het terras van uw buurman vol, dan komen de klanten vanzelf bij u zitten.
Dienstverleners hoeven trouwens niet midden in de stad te liggen. Een grote doorgaande weg met voldoende parkeergelegenheid is ideaal, beter dan anoniem in een bedrijfsverzamelgebouw.
Op de hoek en in de buurt
Wist u dat ons Nederlandse woord 'winkel' afkomstig is van het Duitse woord 'der Winkel'? Het betekent niets meer of minder dan: de hoek. Van oudsher was de hoek van de straat dé plek om handel te drijven. Dat is goed zichtbaar in oude wijken waar op de hoek vaak een kruidenier zat. Maar ook nu nog willen bijvoorbeeld marktkooplui graag een hoekplaats bemachtigen.
Op een hoek of niet: het buurtcafé is ten dode opgeschreven. Een enkel buurtcafé zal misschien overleven omdat de voetbalclub toch ergens moet vergaderen. Maar mensen zoeken plekken op waar 'iets te doen en te kijken is'.
Uitzonderingen zijn er altijd. Zo ga ik regelmatig eten in een restaurant dat midden in het bos ligt. Iemand die het niet weet, zal het nooit vinden. Toch loopt de zaak als een trein, door de goede prijs-kwaliteitverhouding en mond-tot-mondreclame.
Speciaalzaak? Plek minder belangrijk
|
|
Auteur: Martin Wings
