Gevolgen nieuwe Pensioenwet voor werkgever

De nieuwe Pensioenwet brengt nogal wat verplichtingen voor u als werkgever mee, maar ook voor de verzekeraar.
Gevolgen nieuwe Pensioenwet voor werkgever

Voor wie geldt de nieuwe Pensioenwet?
Sinds 1 januari 2007 is de nieuwe Pensioenwet (PW) van kracht. De PW geldt voor alle pensioenregelingen tussen werkgevers en werknemers. De wet is vernieuwd om de pensioenkennis van de werknemer te vergroten.

Gevolg van de PW is wel dat een werkgever aan meer informatieverplichtingen moet voldoen.

Het komt evenwel niet alleen op de werkgever aan. Ook de zogenoemde pensioenuitvoerder (de verzekeraar) wordt verplicht tot informatievoorziening. Schematisch ziet dat er als volgt uit:


De PW geldt voor alle werknemers vanaf 21 jaar. In de oude wet stond een minimale toegangsleeftijd van 25 jaar.

Uw verplichtingen

Bij het in dienst nemen van een nieuwe werknemer moet u hem binnen een maand na aanvang van het dienstverband schriftelijk laten weten of hij deel gaat nemen aan een pensioenregeling. U moet hem ook een brief sturen, wanneer de werknemer nìet deelneemt. Vergeet u die brief te versturen, dan wordt u geacht een onherroepelijk pensioenaanbod te hebben gedaan aan de werknemer.
Voor alle duidelijkheid: in de brief wordt geen inhoudelijke informatie over de pensioenregeling zelf gegeven.

De verzekeraar moet vervolgens binnen drie maanden nadat een werknemer pensioen is gaan opbouwen, een startbrief sturen. In die startbrief moet de inhoud van de pensioenregeling - in begrijpelijke taal - worden uitgelegd. De startbrief moet door de verzekeraar rechtstreeks naar de werknemer worden gestuurd.

In de startbrief moeten de volgende onderwerpen worden vermeld:

  • ingangsdatum van pensioen
  • het pensioenbedrag
  • de grootte van het nabestaandenpensioen
  • de gevolgen voor de pensioenopbouw bij eventuele arbeidsongeschiktheid
  • de gevolgen voor de pensioenopbouw bij verandering van werkgever

Om te voorkomen dat verzekeraars verplicht worden alle werknemers een brief te sturen, geldt die verplichting alleen voor werknemers, die na 1 januari 2007 een pensioen bij hun werkgever afsluiten.  

Pensioen verandert van naam

Om het onderscheid tussen de verschillende premieregelingen aan te geven, werd er tot nu toe gesproken van eindloon-, middelloon- en beschikbare premieregelingen.
In de nieuwe PW zal het volgende onderscheid worden gemaakt:

  • uitkeringsovereenkomst
    (de deelnemer weet exact hoe groot de periodieke uitkering is, die hij tot een bepaald moment heeft opgebouwd. Tevens kan een schatting worden gemaakt van de periodieke uitkering die hij nog zal opbouwen tot aan de pensioendatum.)
  • kapitaalovereenkomst
    (de deelnemer met kapitaalovereenkomst weet welk kapitaal hij op de pensioeningangsdatum heeft opgebouwd. Hij weet niet welke periodieke uitkering hij daarmee op de pensioendatum kan aankopen. Dat is afhankelijk van de inkooptarieven van de verzekeraar.)
  • premieovereenkomst
    (deze deelnemer kan moeilijk beoordelen hoeveel kapitaal hij heeft opgebouwd, net zo min als welke periodieke uitkering hij ermee kan aankopen.)

Verplichtingen van de verzekeraar
De verzekeraar is verplicht om niet alleen de deelnemers, maar ook voormalige deelnemers, voormalige partners  en pensioengerechtigden een pensioenopgaaf te sturen.
Behalve een periodieke (lees: jaarlijkse) opgaaf, moet de verzekeraar een deelnemer ook een opgaaf sturen als hij van baan verandert of gaat scheiden. In het laatste geval moet de ex-partner van de deelnemer ook een opgaaf toegestuurd krijgen.
Overigens kan een (gewezen) deelnemer of (ex-)partner altijd een indicatie opvragen van de uitkeringen op pensioendatum.

In de periodieke opgaaf behoort te staan wat de opgebouwde én bereikbare pensioenaanspraken én -rechten zijn.
In de incidentele opgaaf - bij beëindiging dienstverband of scheiding - moet ook staan wat de gevolgen zijn voor het arbeidsongeschiktheidspensioen (en eventueel nabestaandenpensione, wanneer dat op risicobasis wordt verzekerd).
Voor de ex-partner moet tevens worden vermeld dat een nabestaandenpensioen door de verzekeraar kan worden afgekocht.

Medezeggenschap
Met de invoering van de Pensioenwet krijgen de gepensioneerden medezeggenschap bij de uitvoering van pensioenregelingen. Concreet houdt dit in:

  • Bedrijfstakpensioenfondsen zijn verplicht een deelnemersraad in te stellen.
  • Ondernemingspensioenfondsen hebben de keuze tussen vertegenwoordiging van gepensioneerden in het bestuur of het instellen van een deelnemersraad, wanneer het ondernemingspensioenfonds een bepaalde omvang overschrijdt.
  • Voor verzekerde pensioenen geldt dat de werkgever beslissingen moet voorleggen aan een vereniging van gepensioneerden. Deze vereniging heeft een hoorrecht. Minimaal 10% van de gepensioneerden moet lid zijn van de vereniging, maar de vereniging is pas verplicht vanaf regelingen met meer dan 250 deelnemers.

Directeur-grootaandeelhouder (dga)
De DGA valt sinds 1 januari 2007 niet langer onder de pensioenwet. Er geldt een overgangsregeling voor DGA's die op 31 december 2006 al een pensioenregeling hadden. Deze DGA's kunnen kiezen waar zij hun pensioen willen onderbrengen:

Voor DGA's die in 2007 een pensioenregeling krijgen toegezegd, gaat de nieuwe Pensioenwet met onmiddellijke ingang in.

De DGA houdt onder de Pensioenwet de mogelijkheid een deel van het pensioen te verzekeren en een deel in eigen beheer te houden of alles te verzekeren dan wel alles in eigen beheer te houden. Maar: geen van de regelingen, verzekerd of eigen beheer, valt onder de bescherming van de Pensioenwet, waardoor het pensioen bij een eventueel faillissement verloren kan gaan. Zelfs kan de curator de pensioenpolis afkopen en het kapitaal op een andere wijze aanwenden.

Wanneer de DGA per 1 januari 2007 een verzekerde regeling heeft, die onder de PSW valt, zal automatisch de Pensioenwet op deze regeling van kracht zijn op 1 januari 2008. Deze regeling is dan wel beschermd. Dit geldt zowel voor pensioenen in de opbouwfase als premievrije pensioenen. Bij echtscheiding worden de pensioenaanspraken van de ex-echtgenote wel beschermd.

Fiscaal worden geen wijzigingen beoogd. Waardeoverdrachten van DGA-pensioenen, die niet onder de Pensioenwet vallen, blijven mogelijk. Het kan dan gaan om waardeoverdracht van een verzekeraar naar eigen beheer en andersom, maar ook de overdracht van de ene BV naar de andere. Ook het inkopen van dienstjaren ter voorkoming van een pensioenbreuk blijft voor een DGA mogelijk. De Wet op de Loonbelasting zal hiertoe worden aangepast.


Met dank aan mevrouw mr. T. J. A. J. van Lierop-Vereijken (Deloitte Belastingadviseurs B.V.).

Ga nu naar je mailbox

Je ontvangt een e-mailbericht met instructies om je registratie te bevestigen. Zonder de bevestiging wordt je registratie niet verwerkt.

Ook praktische tips in je mailbox?

Denk na over de toekomst van je bedrijf. Schrijf je in voor onze gratis nieuwsbrieven!

1
0

De Zaak website maakt gebruik van cookies.

We zijn verplicht om je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

/disclaimer
Meer informatie
Ja, ik geef toestemming