Share on print
Share on facebook
Share on linkedin
Share on twitter
Share on google
Beperk aansprakelijkheid belastingschulden na echtscheiding

Beperk aansprakelijkheid belastingschulden na echtscheiding

24 oktober 2011
Na een echtscheiding blijft u, als u in gemeenschap van goederen was getrouwd, beiden aansprakelijk voor eventuele schulden. Ook die van een bedrijf. Er is echter een manier om hieraan te ontkomen.

Echtgenoten die in gemeenschap van goederen zijn gehuwd en die gaan scheiden, blijven ná de echtscheiding ieder aansprakelijk voor de schulden van de huwelijksgoederengemeenschap waarvoor zij voordien aansprakelijk waren. Dat zijn de schulden die de echtgenoot zelf is aangegaan, de schulden voor de gewone gang van de huishouding (ook als die door de andere echtgenoot zijn aangegaan) en diverse, andere in de wet genoemde schulden.

Voor alle andere schulden van de huwelijksgoederengemeenschap ontstaat door echtscheiding een extra aansprakelijkheid: de echtgenoot wordt voor de helft hoofdelijk aansprakelijk voor de gemeenschapsschulden die de ex-echtgenoot tijdens de huwelijkse periode is aangegaan, en waarvoor die echtgenoot uitsluitend aansprakelijk was. Dat zijn bijvoorbeeld de belastingschulden die betrekking hebben op de door de ex-echtgenoot tijdens het huwelijk gedreven onderneming. Die extra aansprakelijkheid kan worden vermeden door bij de echtscheiding expliciet afstand te doen van de huwelijksgoederengemeenschap.

Voorbeeld extra aansprakelijkheid
Geja van As was in gemeenschap van goederen gehuwd geweest met Jan Vledder. Hun echtscheiding was op 28 april 2004 in het register ingeschreven. Mw. van As had daarnaast ook afstand gedaan van de huwelijksgoederengemeenschap; de akte van afstand werd op 9 juni 2004 ingeschreven in het openbaar huwelijksgoederenregister bij de Rechtbank binnen welker rechtsgebied indertijd hun huwelijk was voltrokken.
In oktober 2006, ruim twee jaar ná het definitief worden van de echtscheiding, stelde de ontvanger mw. Van As aansprakelijk voor de helft van de belastingschulden over de jaren 1996 tot en met 2002, die haar ex-echtgenoot Vledder nog steeds niet had betaald. De aansprakelijkstelling had betrekking op belastingschulden die voortvloeiden uit de door Vledder gedreven onderneming en die ontstaan waren tijdens de huwelijksperiode. Van As betwistte die aansprakelijkstelling. Zij motiveerde dat verweer met een beroep op het feit dat zij na de echtscheiding afstand had gedaan van de huwelijksgoederengemeenschap.

Rechtbank Den Haag besliste Van As op grond van het huwelijksgoederenrecht na de echtscheiding volledig aansprakelijk bleef voor de gemeenschapsschulden die zij tijdens het bestaan van de huwelijksgoederengemeenschap was aangegaan.

Voorts was zij volledig aansprakelijk voor de gemeenschapsschulden die haar ex-echtgenoot in die periode was aangegaan voor de gewone gang der huishouding, voor kosten die als kosten van de huishouding konden worden aangemerkt. De Rechtbank besliste dat de belastingschulden die opkwamen uit de door Vledder gedreven onderneming, niet konden worden aangemerkt als kosten van de huishouding. Daaraan deed niet af dat de resultaten uit die onderneming in de huwelijksgoederengemeenschap waren gevloeid.

Door de echtscheiding was een extra aansprakelijkheid voor Van As ontstaan, en wel voor de helft van de belastingschulden uit de door Vledder gedreven onderneming. Maar Van As was van die extra aansprakelijkheid ontheven doordat zij afstand had gedaan van de huwelijksgoederengemeenschap. De ontvanger had Van As ten onrechte aansprakelijk gesteld, de Rechtbank vernietigde de aansprakelijkstelling.

Commentaar
Het afstand doen van de huwelijksgoederengemeenschap bij echtscheiding is nuttig en noodzakelijk om een aansprakelijkstelling te vermijden voor de door de ex-echtgenoot tijdens het huwelijk aangegane ‘persoonlijke’ schulden. Daartoe behoren ook de belastingschulden die opkomen uit de door de die echtgenoot gedreven onderneming. Het afstand doen moet plaatsvinden bij een akte van afstand die binnen drie maanden na ontbinding van de huwelijksgoederengemeenschap moet worden ingeschreven in het openbaar huwelijksgoederenregister. Die termijn is fataal: bij een latere inschrijving wordt geen ontheffing van aansprakelijkheid verkregen, ook niet ten opzichte van de gewezen echtgenoot.
Let op: het afstand doen kan niet alleen bij echtscheiding, maar bij elke ontbinding van de huwelijksgoederengemeenschap plaatsvinden. Dus ook als een in gemeenschap van goederen gehuwd echtpaar staande het huwelijk alsnog huwelijkse voorwaarden opmaakt.


Hans Zwagemaker is hoofdredacteur van BelastingBelangen, dat onder meer een digitale nieuwsbrief voor MKB-ondernemers uitgeeft. Hij is partner bij BDO CampsObers Accountants & Belastingadviseurs BV en spreekt regelmatig op fiscale congressen en seminars.

Meer informatie vindt u op de site van Belastingbelangen.

Lees ook…