U gaat trouwen of laat zich registreren als partners. U gaat niet alleen uw leven delen, maar ook uw inkomsten. Misschien is het daarom verstandig om op huwelijkse voorwaarden in de echt te treden.

Waarom huwelijkse voorwaarden?

“Vanaf de dag van het huwelijk tussen man en vrouw, delen ze voortaan niet alleen hun leven en alle lief en leed samen, maar ook alles wat ze verder bezitten.” Dat is het geval, wanneer de huwelijkspartners vooraf geen speciale regeling treffen en trouwen in `gemeenschap van goederen’. De meeste huwelijken in Nederland worden op deze manier voltrokken. Volgens de wet betekent dit dat alle bezittingen van de echtgenoten samenvloeien tot een gemeenschappelijk bezit. Zowel het inkomen dat tijdens het huwelijk wordt verdiend, als de auto, het gekochte huis, de wasmachine, de televisie, het meubilair, maar ook de schulden die het echtpaar maakt.

Door huwelijkse voorwaarden kunnen de vermogens van de echtgenoten geheel gescheiden blijven. Wanneer de echtverbintenis in gemeenschap van goederen wordt voltrokken, kunnen zakelijke schuldeisers immers ook aanspraak maken op het bezit van uw partner. Het inkomen van uw partner valt eveneens onder de boedel van een faillissement of de surseance van betaling. Huwelijkse voorwaarden verzekeren u in zo’n geval tenminste van één inkomen.

Een in gemeenschap van goederen gesloten huwelijk kan bovendien bij echtscheiding problemen omtrent uw zaak veroorzaken: de partij die de onderneming voortzet moet de ex-eega uitkopen, waarvoor vaak kapitaal aan de onderneming moet worden onttrokken.

Een nadeel aan huwelijkse voorwaarden is wel, dat de partner die geen vermogen heeft en ook geen inkomen verwerft, er tijdens het huwelijk ook niets bij zal krijgen. De partner zonder inkomen deelt officieel niet mee in de inkomsten van de ander. Loopt het huwelijk onverwacht op de klippen, dan staat deze partner met lege handen.
Ook het verkrijgen van een (bank-)krediet kan moeilijker worden. Als uw ‘familiekapitaal’ grotendeels op naam van uw echtgenoot wordt gezet, heeft u immers geen onderpand om tegenover de lening te stellen. De praktijk heeft verschillende wegen gevonden om dit bezwaar min of meer op te heffen.

Soorten huwelijkse voorwaarden


Koude uitsluitingWanneer er tussen de partijen geen enkele gemeenschap van goederen bestaat, noemen we dit ‘
koude uitsluiting‘. Het woord ‘koud’ heeft betrekking op het feit dat de partners op geen enkele wijze hun inkomen en vermogenstoename verrekenen (verdelen). Deze huwelijkse voorwaarden zorgen ervoor dat tussen de echtgenoten een minimum aan financiële banden bestaat. Het enige dat hen financieel bindt, is de wettelijke verplichting elkaar ‘het nodige’ te verschaffen.

Voor één van de echtgenoten, die nu of in de toekomst geen eigen inkomen heeft, houden deze huwelijkse voorwaarden grote risico’s in. Hij of (meestal) zij deelt in geen enkel opzicht in de vermogens-toename die bij de andere echtgenoot optreedt, terwijl hij/zij vaak geen eigen vermogen kan vormen. Niettemin kunnen deze huwelijkse voorwaarden aanvaardbaar zijn, bijvoorbeeld als de economische zelfstandigheid van een partner door het huwelijk niet in gevaar komt en bij een huwelijk tussen ouderen.

Beperkte gemeenschap De wet biedt de mogelijkheid om bij huwelijkse voorwaarden voor een beperkte gemeenschap van goederen te kiezen. Dit kan gelden voor bijvoorbeeld alles wat tijdens het huwelijk wordt verkregen, anders dan door schenking of erfrecht. Het gevolg is wel dat de schulden van beide echtgenoten verhaald kunnen worden op de gehele gemeenschap.
In de praktijk komen zulke huwelijkse voorwaarden nauwelijks voor. Dat is vooral ook te wijten aan het feit dat de meeste echtgenoten er niet in slagen ieders eigen vermogen èn het gemeenschappelijk vermogen uit elkaar te houden. Daarom kiezen de meeste voor huwelijkse voorwaarden volgens een zogenaamd verrekenstelsel.

Verrekenstelsel Voor ondernemers is het belangrijk om duidelijk in de huwelijkse voorwaarden te laten vastleggen dat de partner geen aanspraak kan maken op het bedrijfsvermogen. Dit is met name essentieel in geval van echtscheiding. Het bezwaar tegen de ‘koude uitsluiting’ (geen deling van inkomsten) wordt in de praktijk ondervangen door aan de uitsluiting van iedere gemeenschap één of meer gemeenschapsbepalingen of verrekenbedingen toe te voegen.

De Hoge Raad heeft een baanbrekend arrest gewezen over huwelijksvoorwaarden met een zogenaamd verrekenbeding. Een verrekenbeding is een clausule, inhoudend dat jaarlijks de netto inkomsten die verdiend zijn, maar niet aan de gezamenlijke huishouding zijn uitgegeven, moeten worden verdeeld. In de praktijk zijn er nauwelijks echtparen te vinden die daadwerkelijk het verrekenbeding uitvoeren. Voor hen geldt: wie niet jaarlijks verrekent, kan aan het einde van het huwelijk worden geconfronteerd met een forse schadeclaim van de echtgenoot die recht meent te hebben op verrekening.

De verdienende echtgenoot heeft ook na verloop van vele jaren een groot vermogen op zijn naam staan en de niet-verdienende echtgenoot heeft niets. De Hoge Raad heeft al eerder beslist dat in zo’n geval aan het eind van het huwelijk alsnog alles verrekend móét worden. Alle besparingen uit inkomsten die tijdens het huwelijk worden verkregen vallen onder de verrekening. Te denken valt aan inkomsten uit arbeid, zoals salaris, en de jaarlijkse winstuitkering uit een B.V. Wanneer de echtgenoten gaan scheiden en niet jaarlijks verrekend hebben, wordt de verrekenplicht veel zwaarder.
Het uitgangspunt daarbij is het wettelijk vermoeden, dat het volledige aanwezige vermogen uit te verrekenen vermogen bestaat. Het gevolg is dat som van alle vermogensbestanddelen die bij beide echtlieden op het moment van scheiding aanwezig zijn, worden gedeeld (tenzij dit zeer onbillijke gevolgen heeft). U kunt dit voorkomen door jaarlijks te verrekenen. U hoeft het jaarlijkse saldo niet gelijk in geld af te staan, maar kunt het ook jaarlijks in ieder geval schriftelijk vastleggen.

Voorbeeld: Een man heeft aan het begin van zijn huwelijk een B.V., waarde: € 10.000,-, die van hem blijft bij het aangaan van de huwelijkse voorwaarden. De vrouw heeft geen eigen vermogen. Samen zijn ze een jaarlijkse verrekening van inkomen overeen gekomen. Na vele jaren komt het tot een scheiding. De aandelen van de man blijken € 500.000,- waard. De vrouw heeft een vermogen uit besparingen opgebouwd van € 100.000,-. Doordat het echtpaar nooit is overgegaan tot verrekening, gelden de (nieuwe) wettelijke regels: Het gezamenlijk vermogen is € 600.000,-, zodat de man aan zijn vrouw alsnog € 200.000,- moet betalen.

Het periodiek verrekenbeding houdt in dat de echtgenoten maandelijks of jaarlijks overgaan tot verrekening, Die zich kan beperken tot de inkomsten uit arbeid. Rente, dividend en dergelijke vallen hier dan niet onder. De partner zonder inkomen heeft daarbij recht op de helft van het inkomen dat niet werd besteed aan de huishouding of andere uitgaven die aan beiden ten goede kwamen. Voor ondernemers is het daarbij van belang vast te leggen, dat de partners ‘over en weer elkaar niets meer te vorderen hebben.’

Amsterdams VerrekenbedingDe echtgenoten kunnen bepalen dat het deel dat per jaar van het inkomen onverteerd is overgebleven, bij helfte wordt gedeeld aan ieder van de echtgenoten (besparing). Deze bepaling staat bekend als het ‘Amsterdams Verrekenbeding.
De uitwerking van deze gedachte is echter complex, omdat het begrip “besparing” niet onder alle omstandigheden duidelijk is. Gebruikelijk wordt onder ‘besparingen’ begrepen dat deel van het inkomen dat onverteerd overblijft na aftrek van alles wat dient te worden bijgedragen in de kosten van de huishouding. Daaronder vallen ook de vakanties en bijvoorbeeld de autokosten. Privé-hobby’s gelden wel als verteringen, al hoeven ze niet altijd onder de kosten van de huishouding te vallen.

Besparingen kunnen in vele vormen ontstaan. Denk aan bijvoorbeeld:

  • aflossingen op de hypotheek;
  • verbouwingen aan het huis;
  • het kopen van een vakantiewoning;
  • het beleggen in effecten en deposito’s;
  • de éénmansondernemer of de firmant gebruikt een deel van de winst voor nieuwe investeringen waardoor de waarde van de onderneming stijgt;
  • de directeur-grootaandeelhouder neemt normaliter niet de hele bedrijfswinst als salaris op, waardoor zijn aandelenbezit in waarde stijgt, danwel er een grote contant te maken reservering in de B.V. ontstaat.

Het is mogelijk om hiervoor afspraken te maken en deze op papier te zetten. In de praktijk blijkt het probleem daarbij te zijn, dat de toekomstige echtgenoten zich deze materie onvoldoende kunnen voorstellen om een keuze te maken die over tien of twintig jaar nog goed blijkt uit te werken. De eerste vier bovenstaande besparingen zijn nog goed voorstelbaar. Ook in administratief opzicht is het met enige zorg en inspanning mogelijk om deze vormen van besparingen later terug te vinden.

Minder duidelijk is of ook de laatste twee bovenstaande besparingen tot de regels moeten worden gerekend die verdeeld moeten worden. Dit moet wel in overleg tussen de toekomstige echtgenoten bepaald worden. Bedenk wel dat er geld uit de onderneming moet worden vrijgemaakt. Iedere ondernemer weet hoe moeilijk dat is, nog afgezien van alle fiscale problemen die daarbij aan de orde komen. Een regeling is niet onmogelijk, maar vereist zeer veel inzicht in de problematiek om tot een goede regeling te komen. Doorgaans is het advies van een accountant en/of belastingadviseur zeer gewenst.

Finaal verrekenbedingAls de verrekening niet periodiek maar slechts aan het eind van de rit (bij scheiding van tafel en bed, echtscheiding of overlijden) moet gebeuren, is er sprake van een ‘finaal verrekenbeding’. In geval van overlijden wordt meestal afgerekend alsof algehele gemeenschap had bestaan. Dit uiteraard met uitzondering van de eventueel in de huwelijkse voorwaarden bepaalde uitsluitingen. Zo wordt in geval van echtscheiding hetgeen bij het huwelijk werd ingebracht plus hetgeen door schenking of erfrecht werd gekregen uitgezonderd van de verrekening.

Voordelen

Nadelen

Verrekening bij echtscheiding kan worden uitgesloten.

Er ontstaat geen onverdeeldheid. Wil men vermogensbestandenddelen van de langstlevende aan kinderen laten toekomen dan moeten deze worden overgedragen, hetgeen tot belastingheffing leidt.

Schuldeisers kunnen alleen verhaal houden op het privévermogen van de schuldenaar/echtgenoot. Ten opzichte van schuldeisers blijven echtgenoten buiten gemeenschap van goederen gehuwd.

Hetzelfde geldt voor successierechtelijk risico als bij de huwelijksgemeenschap. Er wordt echter wel altijd een progressievoordeel behaald. Dit nadeel is contractueel niet uit te sluiten. Zonder fiscaal nadeel kunt u niet bepalen dat het beding alleen werkt wanneer de meest vermogende overlijdt. Ook kunt u niet de keuze of er al of verrekend wordt overlaten aan de langstlevende.

Polissen met overlijdensrisico kunnen gesplitst blijven en daardoor is de uitkering onbelast.

Beide stelselsDoorgaans worden zowel een periodiek als een finaal verrekenbeding opgenomen. Daarmee wordt voorkomen dat problemen ontstaan doordat geen periodieke verrekening gedurende de huwelijksjaren plaatsvindt. Het opnemen van een periodiek verrekenbeding is zinvol omdat het de mogelijkheid opent tijdens het huwelijk vermogen over te hevelen van de een naar de ander. Dat kan dan niet fiscaal als een schenking worden aangemerkt.
Het verdient aanbeveling in de huwelijkse voorwaarden vast te leggen wat onder ‘inkomsten voor verrekening’ wordt verstaan. In het algemeen zal daarbij ook moeten worden gelet op de winst die wordt gemaakt in een B.V. waarin één van beiden bijvoorbeeld de meerderheid of alle aandelen houdt, danwel tevens directeur is. In die hoedanigheid kan hij de hoogte van het inkomen namelijk verregaand beïnvloeden.

Huwelijksgemeenschap door wijziging huwelijkse voorwaarden
Wanneer u op huwelijkse voorwaarden bent gehuwd vanwege besparing van successierechten en u wilt uw stelsel wijzigen, dan kunt u kiezen tussen de huwelijksgemeenschap of het finaal verrekenbeding, waarbij wordt afgerekend alsof een huwelijksgemeenschap had bestaan. De keuze voor het één of het ander heeft verstrekkende gevolgen. De voor- en nadelen voor u op een rij:

Voordelen

Nadelen

Bij overlijden ontstaat een onverdeelde (huwelijks) gemeenschap die verdeeld kan worden. Bij onroerend goed en/of aanmerkelijk belang aandelen heeft deze toebedeling geen fiscale gevolgen: respectievelijk geen overdrachtsbelasting en geen 25%-inkomsten-belasting (‘de doorschuifregeling’)

Schuldeisers hebben verhaal op het gemeenschapsvermogen. Dus ook op het oorspronkelijke privévermogen van één van de echtgenoten dat in de gemeenschap is gevloeid.

De vermogensbestanddelen met een potentiële waardestijging kunnen aan de kinderen worden toebedeeld.

Bij echtscheiding moet het gemeenschapsvermogen worden verdeeld.

Bij onroerend goed en/of aanmerkelijk belangaandelen heeft deze toebedeling geen fiscale gevolgen: respectievelijk geen overdrachtsbelasting en geen 25%-inkomsten-belasting (‘de doorschuifregeling’)

Een successierechtelijk risico voor het geval de aanvankelijk minst vermogende echtgenoot als eerste overlijdt. (Er wordt echter wel altijd een progressie-voordeel behaald).

Polissen met overlijdensrisicodekking kunnen niet gesplitst blijven en daardoor is de uitkering belast.

Waarschuwing voor gehuwden met huwelijkse voorwaarden
Wanneer u bent gehuwd met huwelijkse voorwaarden waarin een jaarlijks verrekenbeding voorkomt, waardoor overgespaarde inkomsten bij helfte moeten worden verdeeld, dan is een waarschuwing op zijn plaats.
De dagelijkse praktijk leert dat nooit de moeite genomen wordt nemen om inderdaad over te gaan tot die jaarlijkse afrekening. Recente rechtspraak van de Hoge Raad heeft daarover de pennen in beweging gebracht en uitgemaakt dat vervaltermijnen tussen echtgenoten niet werken. Hierdoor kan het recht op verdeling alsnog bij het einde van het huwelijk geldend worden gemaakt. Dit kan leiden tot een eis tot directe uitkering van de helft van de vermogenstoename. Indien het aanwezige vermogen bij de aanvang van het huwelijk nihil was, betekent dit dat de helft van het gezamenlijke bezit moet worden afgestaan.

Bij overlijden kunnen de gevolgen nog worden verzacht indien een goed testament werd opgemaakt, maar in geval van echtscheiding kan de klap hard aankomen. De gevolgen van het niet toepassen van een verrekenbeding kunnen dus een onverwachte omvang krijgen. Neemt u in dit soort gevallen contact op met uw notaris. Het is mogelijk om de juiste aanpassingen in uw huwelijkse voorwaarden aan te brengen als beide echtgenoten dat willen.

Naar de notaris
De huwelijkse voorwaarden moet u bij de notaris laten vastleggen. Hij geeft officieel aan hoe de vermogens van man en vrouw worden gescheiden, zodat in geval van faillissement of schulden tenminste één van de partners buiten bereik van de schuldeisers blijft.

Tips voor bij de notaris

  • Ga rond de tafel zitten met uw notaris om tot de juiste juridische regeling te komen. Daarbij kunt u bijvoorbeeld ook denken aan een verrekenbeding waarbij wordt vastgelegd dat ondernemingsvermogen nooit onder de verrekening valt.
  • Ga dan ook jaarlijks verrekenen en leg dit vast. Dan kunt u bij een eventuele scheiding op papier aantonen dat u zich heeft gehouden aan de afgesproken regeling.
  • En wanneer u toch bij de notaris bent, laat dan gelijk uw testamenten controleren, zodat de onderneming voortgezet kan worden zonder te veel belasting te betalen over successierechten én met een goed verzorgd achterblijvende partner.
Share on print
Share on facebook
Share on linkedin
Share on twitter

Lees ook…