Voor kampeerterrein De Lievelinge in Vuren is in de zomer een wachtlijst nodig, zo graag komen de gasten er. Zeven bevriende mannen runnen het bedrijf. Zeven ondernemers, één camping: hoe kom je erop?

Het ziet er allemaal vrolijk uit: de camping is een bonte verzameling van vrolijk gekleurde caravans, tenten, Yurts, trekkershutjes, een dubbeldekker en een Amerikaanse schoolbus om in te slapen. Er is een kraam met biologische patat, een restaurant met streekproducten en een spiegeltent waar feesten worden gegeven. Maar je kunt er ook marshmallows roosteren op een kampvuurtje of je eigen barbecue opzetten. De Lievelinge ligt in natuurgebied het Lingebos bij rivier de Linge, én vlakbij de A15 en de Betuwelijn.

Zes van de zeven –Rob, Tirso, Maarten, Bart, Emile en Arne – kwamen er voor het eerst tijdens het huwelijksfeest van gezamenlijke vrienden. “Festival d’Amour, festival van de liefde, zo hadden de twee verliefde muzikanten hun feest genoemd,” vertelt Tirso. “Het was een geweldig festijn met lekker eten, veel bier en goede muziek. Wij stonden ons bij het kampvuur te verbazen over het feit dat dit allemaal kon zonder dat de campinggasten er last van hadden.”

Muzikale vriendschap

De mannen vermoeden dat het te danken is aan de constante ‘branding in de verte’ van de snelweg A15 en de Betuwelijn. Als de wind goed staat, hoor je niets meer van gefeest aan de achterkant van het terrein. Hoe dan ook, de zes vonden het heel interessant. “We hebben allemaal iets met muziek,” legt Tirso uit. “We kennen elkaar omdat we vroeger betrokken waren bij de organisatie van dancefeesten. Zo maakte ik met mijn ontwerpbureau flyers voor feesten die Wink (het bedrijf van Bart, Emile en Arne, red.) organiseerde. Maarten bouwde de decors en Rob zorgde voor spiegeltenten.”

Het kampeerterrein leek de ideale locatie voor zulke feesten, waarbij mensen dan ook nog konden blijven overnachten. “Na een paar biertjes kwam het idee vanzelf: lachen zeg, als we dit konden kopen! Rob wist dat er plannen waren de camping in de verkoop te zetten. Hij zou het in de gaten houden.”

Twee jaar later

Toen de mannen de volgende ochtend weer met hun gezinnen naar de Randstad vertrokken, was het plan voor een eigen camping alweer bijna vergeten. Maar twee jaar later gaf  het getrouwde stel een vervolg aan het festival d’Amour: het Festival d’Ami’s, dus voor en door vrienden. Zo troffen de zes elkaar andermaal met een biertje in de hand bij het kampvuur. “Hé Rob, dit zou toch verkocht worden?” vroeg Arne. Rob bleek er bovenop te zitten. “Volgens mij zit het in de afrondende fase. Ik laat het wel weten…”

Een paar weken later ontvingen de vrienden een mailtje van Rob: Het ging allemaal ineens heel snel. De vraagprijs was bekend en via mijn accountmananger hoorde ik dat er kapers op de kust waren. Dus ik heb heel snel de prijs laten controleren en heb het kampeerterrein gekocht. Ik heb drie maanden de tijd om de financiering rond te krijgen. Wie doet er mee?

Tirso tegen zijn vrouw: “Oh shit, ik geloof dat ik nu mede-eigenaar ben van een camping.”

Zijn vrouw: “Bij het Lingebos? Dat ga je niet doen hoor, het onderhoud is enorm achterstallig. Eén grote kleiboel.”

Uiteindelijk deed iedereen mee. “Niet alleen omdat ik zo’n grote bek had gehad bij het kampvuur, maar ook omdat het me toch wel heel erg gaaf leek,” zegt Tirso. “Bart en Rob namen het voortouw. Zij maakten een concept voor de gemeente en Staatsbosbeheer, waarvan we de grond moesten pachten. Die partijen waren erg enthousiast over het plan voor een hippe gezinscamping.”

Dga-hobbyproject

Het eerste concept voor de camping was volgens Tirso gebaseerd op ‘glamping’ (luxe kamperen) voor een randstedelijke doelgroep met bijzonder uitgedoste stacaravans en huisjes, biologisch eten en een relaxte sfeer. Maar ook de mogelijkheid om zelf een kampvuurtje te maken voor de tent. “Zo’n plek zochten we zelf al lang, maar die konden we niet vinden. Dat is voor een groot deel onze motivatie geweest.”

De banken waren minder enthousiast. “Wij financieren geen ‘dga-hobbyprojecten,” was de reactie van Tirso’s eigen bankmanager. Later beseften we dat hij eigenlijk wel gelijk had. Mannen die de veertig gepasseerd zijn en geen Harley kopen maar een camping beginnen. Ieder van ons had een goedlopend bedrijf, de camping was niet bedoeld als bron van inkomsten. We moesten zelf flink investeren, maar vonden uiteindelijk toch de plaatselijke ABN-Amro bereid om een substantieel bedrag te lenen. De enige bank die het echt zag zitten.”

‘Iedere vergadering kostte 10.000 euro’

In het begin – het was 2011 – ging alles mis. De camping bleek er veel slechter aan toe dan gedacht. Zo moesten ze de hele elektriciteitsvoorziening vervangen en 7 hectare terrein opnieuw bestraten. “Iedere vergadering waar ik heen ging kostte weer 10.000 euro per aandeelhouder,” vertelt Tirso. “De verbouwing kostte bijna 3 ton extra, wat ten koste ging van het businessplan. We hadden geen geld meer voor de laatste tien verhuurunits, die eigenlijk wel echt nodig waren om genoeg te verdienen aan verhuur.”

Benieuwd hoe dit verhaal afloopt? Lees verder in De Zaak!

Share on print
Share on facebook
Share on linkedin
Share on twitter