24 oktober 2011

De do's and don'ts als je een handelsnaam verzint

Bij de keuze van een handelsnaam voor jouw bedrijf heb je niet geheel de vrije hand. De naam mag geen verwarring wekken en niet misleidend zijn. De regels op een rij.

Handelsnaam mag geen verwarring wekken
Een handelsnaam mag geen verwarring wekken door op een bestaande handelsnaam te lijken. Dit kan op twee manieren, direct en indirect.

Direct
Een klant benadert bedrijf A, maar denkt bedrijf B te benaderen.

Indirect
Een klant ziet verschillen tussen de handelsnamen, maar denkt vanwege de gelijkenis dat bedrijf A iets met bedrijf B te maken heeft.

Het hoeft niet alleen om dezelfde naam te gaan, ook het feit dat klanken overeenkomen kan verwarring scheppen, gecombineerd met de aard van het bedrijf. Een reisbureau en een slager zijn wel uit elkaar te houden, maar bij een visrestaurant en een chinees restaurant is dat al moeilijker.

Ook is het werkgebied van de bedrijven van belang. En dan niet alleen de vestigingsplaats, maar ook de landsbekendheid en het publiek waarop de bedrijven zich richten.

Handelsnaam mag niet misleidend zijn
Een handelsnaam mag niet misleidend zijn. Het mag een bedrijf niet groter laten lijken, of onduidelijkheid scheppen over wie de eigenaar is.  

Niet groter voordoen
Een handelsnaam mag geen onjuiste indruk geven van het bedrijf, bijvoorbeeld dat het groter lijkt dan in werkelijkheid het geval is. Een eenmanszaak mag dus geen meervoud in de naam gebruiken, zoals Jansen & Janszens Architecten, omdat het daardoor lijkt dat er meer dan één persoon werkzaam is. En een kleine groentewinkel mag zich niet ‘De Vries Megasupermarkt’ noemen.

Persoonsnaam van een ander
Je mag niet de naam van een ander gebruiken als dat onduidelijkheid schept over wie de eigenaar is van het bedrijf. Stel jij heet ‘W. Pieterse’ en je begint een atletiekwinkel. Je mag die dan niet de naam ‘Usain Bolt Hardloopschoenen’ geven, ook niet als de Jamaicaanse sprinter daar toestemming voor zou geven.

Je mag de naam van iemand anders wél gebruiken:

  • Bij de overdracht van een bedrijf waarbij de handelsnaam een persoonsnaam is;
  • Als er een licentie is om de handelsnaam te gebruiken vanwege een franchise-contract.
     

Bank
Het woord ‘bank’ mag alleen worden gebruikt voor een bankbedrijf. Tenzij het een andere betekenis heeft, zoals vacaturebank of databank.

Beschermde titel
Een beschermde titel als ‘accountant’ of ‘architect’ mag u alleen onder voorwaarden gebruiken. Een accountant moet bijvoorbeeld zijn ingeschreven in het register van de NIVRA of NOvAA.

Geen andere rechtsvorm
De rechtsvorm in een handelsnaam moet overeenkomen met de feitelijke situatie, ook bij buitenlandse rechtsvormen.

Voorbeelden:

  • VOF – De Vries & Co.; De Gebroeders Jansen
  • VOF, CV – En compagnie; & co.; en commandite
  • NV, BV, Vereniging – Maatschappij
  • Stichting – Fonds
  • Engelse VOF – Partnership; associates (& co); and Partners   

Uitzondering
Omdat ‘firma’ een ingeburgerd begrip is voor ‘onderneming’ of ‘bedrijf’, mag een eenmanszaak dit woord in de handelsnaam gebruiken. ‘Firma’ geeft dus niet per se aan dat een bedrijf een vof is.
 
Handelsnaam, statutaire naam
In de statutaire naam (de naam in de oprichtingsakte) van een NV, BV, onderlinge waarborgmaatschappij, coöperatie of een stichting moet altijd een aanduiding van de rechtsvorm zijn opgenomen.

Bij een NV, BV of coöperatie is de statutaire naam ook altijd de handelsnaam, of één van de handelsnamen.

Bron: Kamer van Koophandel

 

 

Share on print
Share on facebook
Share on linkedin
Share on twitter

Lees ook…