Fictief rendement
Over inkomen uit sparen en beleggen betaal je belasting in box 3 van de inkomstenbelasting (IB). Deze heffing wordt ook wel de vermogensrendementsheffing genoemd. De fiscus rekende tot 2021 met een fictief rendement over het vermogen in box 3. Dat ging om een fictieve verdeling van het vermogen tussen sparen en beleggen.
Nieuw box 3 stelsel
Op last van de Hoge Raad moet de box 3 heffing worden aangepast, zodat belasting geheven wordt over het werkelijke rendement. Naar aanleiding daarvan is de Wet rechtsherstel box 3 (Herstelwet) in werking getreden. Die wet is bedoeld om met terugwerkende kracht de heffing in box 3 over 2017 tot en met 2022 recht te trekken. Maar ook de Herstelwet is door de Hoge Raad als discriminerend bestempeld.
Het kabinet stelde ondertussen een nieuw voorstel op, de Wet werkelijk rendement box 3. De Tweede Kamer nam dit wetsvoorstel op 12 februari 2026 aan; nu is de Eerste Kamer aan zet. Op Prinsjesdag 2026 komt het kabinet nog met een aangepaste versie van het voorstel. Zoals het er nu uitziet, treedt het nieuwe stelsel per 2028 in werking.
Werkelijke verdeling en rendement aantonen
De Wet tegenbewijsregeling is een tijdelijke oplossing om het werkelijke rendement vanaf 2017 aan te tonen. Als dit bedrag lager is dan het eerder aangeslagen fictieve rendement, krijg je de te veel betaalde belasting achteraf terug. Je kunt een apart formulier Opgaaf werkelijk rendement hiervoor gebruiken.
Maar let op! Je kunt het formulier pas invullen nadat je hierover een brief van de Belastingdienst hebt ontvangen. Het kan tot in 2028 duren voordat je die brief krijgt.
Voor de jaren 2021, 2022 en 2023 verstuurt de Belastingdienst sinds juni 2026 de eerste brieven. Ook voor de jaren 2017 tot en met 2020 volgen berichten vanaf 2026. Heb je een brief ontvangen? Dan kun je het formulier invullen.
Vanaf belastingjaar 2025 is de mogelijkheid van tegenbewijs opgenomen in de normale aangifte inkomstenbelasting. Zo voorkom je dat je te veel belasting betaalt.
Heffingsvrij vermogen
In 2026 betaal je vermogensrendementsheffing wanneer je totale vermogen hoger is dan het heffingsvrije vermogen van € 59.357. Tot die grens heb je dus vrijstelling en betaal je geen belasting. Wanneer je een fiscaal partner hebt, ligt de grens van het vrijgestelde vermogen op € 118.714. Over 2025 lagen deze grenzen op € 57.684 en € 115.368.
Boven de grens van het heffingsvrije vermogen
Het bedrag boven de grens van het heffingsvrije vermogen is de grondslag sparen en beleggen. Je betaalt in het huidige systeem nog steeds belasting over het fictief rendement. Wel wordt uitgegaan van fictieve rendementen die de werkelijkheid zo dicht mogelijk benaderen. Dus nu al betalen spaarders boven de vrijstelling van het heffingsvrij vermogen minder belasting.
De Belastingdienst hanteert over de grondslag sparen en beleggen voor 2026 een voorlopig percentage van 1,28 procent voor sparen. Voor beleggingen en overige bezittingen is dit 6 procent (dit percentage is al definitief). Voor schulden geldt een voorlopig percentage van 2,70 procent. De definitieve percentages voor sparen en schulden worden begin 2027 vastgesteld. Over 2025 golden percentages van 1,44 procent (sparen), 5,88 procent (beleggingen en overige bezittingen) en 2,62 procent (schulden).
In welke box valt je eigen woning?
De eigen woning geef je aan in box 1 (inkomen uit werk en woning). En ook de overwaarde van je huis telt niet mee als vermogen. Het maakt dus niet uit als de waarde van je woning veel hoger is dan je hypotheekschuld.
Let op: een eventuele tweede woning of een vakantiehuis hoort wel bij je vermogen in box 3.
Hypotheek versneld aflossen?
Is het handig om je hypotheekschuld op je eigen woning versneld af te lossen? Dat hangt erg af van je persoonlijke situatie. Hypotheekrente is bijvoorbeeld aftrekbaar van je inkomen en kan daarmee een interessante aftrekpost zijn. De Zaak raadt aan om dit met een fiscaal adviseur te bespreken.
Het vrijgestelde vermogen groene beleggingen
De bedragen voor beleggen en sparen in een groenfonds waarover geen belasting hoeft te worden betaald zijn met ingang van 1 januari 2025 flink verlaagd naar € 26.312 en voor fiscaal partners € 52.624. Verder geldt er een heffingskorting op je inkomstenbelasting van 0,1 procent van het bedrag van de vrijstelling (ook voor je fiscaal partner). In 2026 blijven deze bedragen hetzelfde.
In 2024 lag het bedrag van de vrijstelling nog op € 71.251 (€ 142.502 voor fiscale partners) en een heffingskorting van 0,7 procent.
Let op! De vrijstelling en heffingskorting voor groene beleggingen vervallen volledig per 1 januari 2028 (in plaats van 2027). Vanaf 2027 is het voordeel al minimaal, nog slechts € 200 (en € 400 voor partners)
Whitepaper Belastingwijzigingen
Sparen voor je pensioen
Bedragen die je op een lijfrentespaarrekening (banksparen) zet of in een lijfrentepolis, of op een geblokkeerde beleggingsrekening stort, hoef je niet mee te tellen voor de rendementsheffing van box 3. Sterker nog, de premies mag je onder voorwaarden aftrekken van je inkomen.
Belangrijk om te weten:
- Je kunt dit alleen doen bij een aanbieder van pensioenproducten.
- Op de afgesproken einddatum moet je een uitkering kopen. Over deze uitkering betaal je inkomstenbelasting.
- Je kunt niet zomaar bij je geld als je het weer nodig hebt.
Tip: je kunt ervoor kiezen om deels voor je pensioen te sparen middels deposito’s en beleggen. Je betaalt dan wel vermogensrendementsheffing in box 3, maar na je pensioen kun je het geld uitgeven zoals je dat wil. Met een klein pensioen heb je recht op een toeslag op je heffingsvrije vermogen van box 3.
Afgeschaft: Fiscale oudedagsreserve (FOR)
Sinds 1 januari 2023 kun je de fiscale oudedagsreserve niet verder opbouwen. Als je al een FOR hebt opgebouwd, kun je die op basis van de oude regels afwikkelen.
Wat doe je met je bestaande FOR
Het opgebouwde bedrag mag blijven staan. Je hebt dan nog geen pensioenregeling. Je kunt pensioen regelen door bijvoorbeeld een lijfrente te kopen of te gaan banksparen. Je FOR neemt met hetzelfde bedrag af als je inleg.
Tot uiterlijk het moment waarop je met je onderneming stopt, kun je ervoor kiezen om je FOR om te zetten in een lijfrente of bankspaarrekening. Daarvoor heb je wel het geld nodig. Heb je bij het stoppen van je onderneming nog een FOR staan? Dan wordt dat FOR-bedrag opgeteld bij je winst van dat jaar en je betaalt belasting erover.