Categorieën

Een werknemer kost meer dan het maandelijks brutosalaris. Je krijgt als werkgever te maken met sociale toeslagen, vakantiegeld, premie volksverzekeringen, cao-afhankelijke bijdragen en meer. Dit noemen we werkgeverslasten. In dit artikel leggen we uit met welke werkgeverslasten je te maken krijgt en hoe je ze berekent.

In het kort

  • Werkgeverslasten zijn extra kosten bovenop brutoloon.
  • Types: Directe, Indirecte, Loonheffing, Onbelaste vergoedingen.
  • In 2024 variëren werkgeverslasten tussen 20 en 36% van brutoloon.

Inhoudsopgave

Nieuwe regelgeving CO₂: Vanaf 1 juli 2024 geldt de nieuwe CO₂ registratieplicht. Lees wat jij moet doen voor jouw MKB.

Werkgeverslasten uitgelegd

Werkgeverslasten zijn de kosten die jij als werkgever betaalt bovenop het brutoloon. In het algemeen komen deze in Nederland neer op 20 tot 35 procent van het brutosalaris.

Verschillende soorten werkgeverslasten

Er zijn meerdere soorten werkgeverslasten: vaste (verplichte kosten) en aanvullende (facultatieve kosten) werkgeverslasten. Bij elkaar opgeteld kom je uit op de totale werkgeverslasten. We leggen per categorie uit hoe het met de vaste werkgeverslasten en aanvullende werkgeverslasten zit en wat eronder valt.

  1. Vaste werkgeverslasten: directe loonkosten en ingehouden loonheffingen
  2. Aanvullende werkgeverslasten: indirecte loonkosten
  3. Onbelaste vergoedingen


1. Vaste werkgeverslasten

Een deel van de lasten zijn verplichte kosten bedoeld voor werkgevers. Dit zijn de vaste werkgeverslasten. De werkgever moet deze lasten inhouden op het loon van de medewerkers, minus afdrachtvermindering loonbelasting. Vervolgens betaal je deze werkgeverslasten aan de Belastingdienst in de loonaangifte. De kosten die hieronder vallen zijn:

Vakantiegeld

Het vakantiegeld bedraagt meestal 8 procent van het bruto jaarsalaris. In dit artikel leggen we uit hoe het uitbetalen van vakantiegeld werkt en hoeveel je ervoor moet reserveren.

De verschillende loonheffingen:

  • De loonbelasting houdt de werkgever in op het brutoloon van de medewerker en draagt dit af aan de Belastingdienst.
  • De premie volksverzekeringen bestaat uit de AOW (Algemene Ouderdomswet), ANW (Algemene nabestaandenwet) en de WLZ (Wet langdurige zorg). Als werkgever houd je de premie AOW, ANW en WLZ in op het loon van de medewerker en die premie draag je af aan de Belastingdienst.
  • Premie werknemersverzekeringen. Hieronder vallen de WW (Werkloosheidswet), WAO (Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering), WIA (Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen) en de ZW (Ziektewet). Als werkgever betaal je de premie voor de werknemersverzekeringen.
  •  De inkomensafhankelijke bijdrage zorgverzekeringswet betaal je voor medewerkers in loondienst. De directe loonkosten zijn voor de werknemer het meest zichtbaar. Dit zijn de kosten die op de loonstrook gespecificeerd zijn.


Als je uitzendkrachten hebt, hoef je als bedrijf geen loonheffing te betalen. Dit regelt het uitzendbureau. Uiteraard worden deze ingehouden loonheffing wel als werkgeverslasten aan je doorberekend.

2. Aanvullende werkgeverslasten

De aanvullende werkgeverslasten bestaan uit indirecte kosten en komen bovenop de directe loonkosten. Aangezien dit om de aanvullende secundaire arbeidsvoorwaarden gaat, verschilt dit per branche, werkgever en bedrijf. Een en ander is ook vaak bepaald door de collectieve arbeidsovereenkomst (cao). Een kleine werkgever zal vaak minder ruimte hebben voor indirecte loonkosten als:


3. Onbelaste vergoedingen

Niet alle vergoedingen die je aan het personeel uitkeert, zijn belast met loonbelasting. Hiervoor geldt de werkkostenregeling.

Dit zijn zaken waar werknemers naar kijken en ze zien dit vaak als extra arbeidsvoorwaarden. In dit artikel leggen we uit hoe je als ondernemer de werkkostenregeling kunt gebruiken.

Zaken die je als werkgever binnen de werkkostenregeling onbelast mag vergoeden zijn bijvoorbeeld:

  • Opleiding, training en studiekosten
  • Kerstpakketten
  • Bedrijfslunches
  • Reiskostenvergoeding
  • Thuiswerkvergoeding

Werkgeverslasten in 2023

De werkgeverslasten in 2023 liggen tussen de 20 en 36 procent van het brutoloon. Bij kleine werkgevers ligt dit percentage lager dan bij grote werkgevers. Vanaf 1 januari 2023 zijn enkele werkgeverslasten verlaagd: een lage premie geldt voor het Arbeidsongeschiktheidsfonds (Aof) voor kleine werkgevers. En er is een hoger budget voor de Werkkostenregeling (WKR).

Werkgeverslasten in 2024

Vanaf 2024 wordt de vrije ruimte in de werkkostenregeling verruimd van 1,7 naar 1,92 procent tot een loonsom van € 400.000.

Kleine, middelgrote en grote werkgevers

Elke werkgever wordt ingedeeld in een klasse afhankelijke omvang van de totale loonsom. Die wordt berekend aan de hand van het aantal werknemers en het gemiddelde premieplichtige loon. Voor 2023 is dit € 36.200.

  • Kleine werkgevers: premieplichtige loonsom kleiner dan of gelijk aan € 905.000
  • Middelgrote werkgevers: premieplichtige loonsom tussen € 905.000 en € 3.620.000.
  • Grote werkgevers: premieplichtige loonsom groter dan € 3.620.000.


Werkgeverslasten berekenen

De kosten berekenen doe je door het loon van alle werknemers van een heel kalenderjaar bij elkaar op te tellen. Hierbij maakt het soort contract niet uit. Als je alles bij elkaar optelt, is het bedrag onderaan de streep de totale werkgeverslasten.

Ook personeel dat slechts een deel van het jaar heeft gewerkt telt mee bij het berekenen van werkgeverslasten (met uitzondering van uitzendkrachten). Het gaat om de volgende kosten:

  • Bruto salaris
  • Vakantietoeslag
  • Bonussen
  • Reiskosten- en thuiswerkvergoedingen
  • Totale bedrag aan loonheffingen


Voorbeeld: loonkosten en werkgeverslasten berekenen

Een medewerker met een vast contract werkt 40 uur per week voor een bruto maandsalaris van € 2800

  1. Bruto salaris per jaar: € 33.600
  2. Vakantiegeld 8% per jaar: € 2.688
  3. Dertiende maand: € 2.800 (hangt af van cao, is niet verplicht)
  4. Pensioenbijdrage: (hangt af van cao. Niet verplicht) Bijvoorbeeld 10% -/- franchise à € 15.000 waarover je geen premies betaalt. Dus in dit rekenvoorbeeld (€ 33.600 – € 15.000) x 0,10% = € 1860
  5. Werknemers­verzekeringen WW, WAO, WIA en zw (tussen 19% en 24%. Salaris + vakantiegeld – pensioenpremie) = € 6.541
  6. Zvw (6,68%): € 2.244


Totale kosten (inclusief pensioenbijdrage en dertiende maand): € 49.733

Extra werkgeverslasten (inclusief pensioen en 13e maand): 48%

Extra werkgeverslasten (ex pensioen en 13e maand): 34%

Nieuwsbrief De Zaak

De Zaak Op Orde Nieuwsbrief

Een must voor slimme ondernemers die een succesvol bedrijf willen runnen.

Veelgestelde vragen

Wat valt onder werkgeverslasten?

Onder de werkgeverslasten vallen alle directe en indirecte loonkosten, loonheffing en overige kosten, zoals werkplekken en opleiding.

Hoeveel zijn de werkgeverslasten?

De werkgeverslasten voor 2024 liggen tussen de 20 en 36 procent van het brutoloon.

Wat is werkgeversdeel?

Werkgeversdeel zijn de kosten die de werkgever afdraagt aan sociale lasten (loonheffing).

CO₂ registratieplicht vanaf 1 juli 2024? Bereid je nu voor en voorkom administratieve rompslomp. Download de whitepaper voor tools en tips!

Lees ook…
De komst van zero-emissiezones (ZEZ) in Nederlandse steden is een hot topic bij bedrijven. Deze plekken, waarin alleen voertuigen zonder uitstoot zijn…
i.s.m.
Een vergoeding voor je reiskosten: het is een belangrijke secundaire arbeidsvoorwaarde. Zeker in de huidige arbeidsmarkt. Maar welke vergoedingen kun…
Wanneer reiskosten aftrekbaar zijn van de aangifte inkomstenbelasting kan per situatie anders zijn. In sommige gevallen zijn deze aftrekbaar van de…
Zoek je een duurzame en fiscaal aantrekkelijke manier om je team te motiveren en gezond te houden? Met de fiets van de zaak-regeling maak je je…
i.s.m.
45% van de CO₂-uitstoot op het gebied van mobiliteit wordt veroorzaakt door reizen die we maken voor ons werk. Bijvoorbeeld van huis naar kantoor, of…