Zelfstandigenwet: werk je voor minder dan 3 opdrachtgevers, dan dreigt opdrachtverlies

Meer dan de helft (53%) van de zzp’ers in een peiling van Knab onder 1.068 zelfstandigen is tegen het wetsvoorstel voor de Zelfstandigenwet, dat sinds begin oktober in internetconsultatie ligt. De meeste weerstand geldt het criterium dat zelfstandigen in het lopende en voorafgaande jaar samen minstens drie volwaardige opdrachtgevers moeten hebben om toegang te krijgen tot de nieuwe ‘veilige haven’, de garantie vooraf dat ze buiten dienstverband werken. Dertig procent van de ondervraagden haalt dat aantal niet; onder ICT’ers loopt dat op tot 69 procent. De zorg: wie niet aan alle zeven criteria voldoet, kan nog steeds als zelfstandige werken onder de bestaande regels, maar opdrachtgevers accepteren straks mogelijk alleen nog de nieuwe, zekere route. Daarmee wordt een vrijwillige toets in de praktijk een harde eis.

Wat betekent dit voor jou?

Werk je voor minder dan drie opdrachtgevers per jaar, bijvoorbeeld omdat je een langlopend specialistisch project doet, dan val je mogelijk buiten de veilige haven. Dat betekent niet dat je dan automatisch in loondienst zou moeten, maar wel dat opdrachtgevers die alleen nog zekerheid vooraf willen, je sneller kunnen passeren. Vier op de tien zzp’ers geven nu al aan dat een opdrachtgever dit jaar een opdracht stopzette vanwege onzekerheid over zzp-inhuur, en 41 procent van de opdrachtgevers verwacht zelfstandigen die niet aan de nieuwe criteria voldoen simpelweg niet meer in te zetten. De internetconsultatie loopt tot en met 29 oktober; invoering staat gepland voor 1 januari 2028.

Advies van De Zaak: Breng nu al in kaart hoeveel opdrachtgevers je dit jaar en vorig jaar had en of je aan de andere zes criteria voldoet, zoals voldoende vrijheid in de uitvoering en een aparte zakelijke rekening. Zorg er in elk geval voor dat je een overeenkomst van opdracht hebt die schijnzelfstandigheid voorkomt; dat blijft onder élke versie van de regels je beste bescherming. Vind je dat de opdrachtgeverseis onterecht in de weg zit bij langlopende specialistische klussen, dien dan vóór 29 oktober een reactie in via de internetconsultatie; dat is het moment waarop dit soort knelpunten nog kan worden aangepast.

Box 2-tarief daalt naar 29,2% in 2027: moet je wachten met dividend uitkeren?

Het kabinet wil het hoge box 2-tarief van 2027 tot en met 2030 tijdelijk verlagen van 31 naar 29,2 procent. Dat lagere tarief geldt alleen voor het deel van je inkomen uit aanmerkelijk belang boven € 69.607. Over het bedrag daaronder blijf je 24,5 procent betalen. Keer je zonder fiscaal partner € 100.000 dividend uit, dan houd je daar in 2027 ongeveer € 600 meer van over dan in 2026. Daarnaast wil het kabinet de grens voor excessief lenen bij je eigen bv in stappen verlagen van € 500.000 naar € 100.000, waarbij de eigenwoningschuld niet meetelt. Beide plannen moeten nog door het parlement.

Wat betekent dit voor jou?

Heb je als dga een flinke winstreserve, dan ligt het voor de hand om een geplande uitkering naar 2027 te schuiven. Het voordeel geldt alleen voor het deel boven de eerste schijf: voor elke € 100.000 daarboven betaal je € 1.800 minder. Met de rekentool voor dividend en box 2 zie je snel wat dat voor jou betekent. Haast is er niet, want de verlaging geldt vier jaar. Bedenk ook dat dividend meetelt in je verzamelinkomen. Dat kan gevolgen hebben voor toeslagen en heffingskortingen. Laat je het geld in de bv staan, dan kan het daar blijven renderen. Heb je een schuld aan je bv van meer dan € 100.000? Dan wordt dit extra belangrijk. Zodra de nieuwe grens geldt, betaal je over het bedrag erboven box 2-belasting alsof je dividend hebt ontvangen.

Advies van De Zaak: Stel een dividenduitkering die je dit jaar al gepland had niet automatisch uit. Reken eerst uit hoeveel je boven de eerste schijf uitkeert en vergelijk dat voordeel met wat het geld in de bv had kunnen opleveren. Heb je een schuld aan je bv, kijk dan nu hoe ver die boven de € 100.000 uitkomt. Maak een plan om die de komende jaren af te bouwen, bijvoorbeeld door dividend te verrekenen met je schuld zodra het lagere tarief geldt. In Dividendbelasting 2026: tarieven en slim uitkeren als dga lees je hoe je de uitkering verder slim timet.

15.000 bedrijven wachten op een stroomaansluiting: met een flexibel contract of batterij kom je sneller aan de beurt

De wachtlijst voor zakelijke stroomaansluitingen groeit minder hard dan voorheen. Uit de halfjaarlijkse cijfers van Netbeheer Nederland, waarover het AD schreef, blijkt dat er nog steeds zo'n 15.000 bedrijven wachten. In sommige regio's krimpt de lijst zelfs al. Netbeheerders legden in het eerste halfjaar ruim 1.000 kilometer kabel in woonwijken en dorpen en plaatsten 1.176 nieuwe transformatorhuisjes. Er zijn er de komende jaren nog zo'n 50.000 extra nodig. Dat het tempo achterblijft, komt door een tekort aan technici en door trage procedures bij gemeenten en provincies. Om de lijst realistisch te houden, betalen bedrijven bij een nieuwe aanvraag nu een aanbetaling op de aansluitkosten.

Wat betekent dit voor jou?

Wil je uitbreiden, overstappen op elektrische bedrijfsauto's of een machine aansluiten die veel stroom vraagt? Dan is een zwaardere aansluiting nog steeds geen vanzelfsprekendheid, en wachten kan maanden tot jaren duren. Wie flexibel stroom afneemt, maakt wel meer kans. Steeds meer ondernemers kiezen voor een contract waarin ze niet op alle uren hun volledige capaciteit gebruiken. Ze vangen pieken op met een batterij of delen een aansluiting met bedrijven in de buurt. Netbeheerders zien dat liever dan een volledig nieuwe aansluiting, waardoor je sneller geholpen kunt worden. Doe je een aanvraag, houd dan rekening met die aanbetaling.

Advies van De Zaak: Plan je de komende twee jaar iets waarvoor je meer stroom nodig hebt? Kijk dan nu op de capaciteitskaart van Netbeheer Nederland hoe vol het net in jouw regio is. Vraag je netbeheerder daarna welke flexibele contractvormen er bij jou mogelijk zijn, voordat je een standaardaanvraag doet. Ga ook na of je met een batterij of een gedeelde aansluiting met buurbedrijven je pieken kunt opvangen. In Vol stroomnet: zo bereid je jouw bedrijf voor op netcongestie lees je welke stappen je verder kunt zetten.

Duurste tankmaand sinds 2006: een benzineauto kost je nu € 321 per jaar meer aan brandstof

September was de duurste tankmaand sinds het CBS in 2006 begon met het dagelijks bijhouden van pompprijzen. AutoZoWeg.nl analyseerde de pompprijzen van het CBS en het brandstofverbruik uit het kentekenregister van de RDW. Een liter Euro95 kostte vorige maand gemiddeld € 2,45, tegen € 1,94 een jaar eerder. Diesel kwam uit op € 2,50 per liter, 79 cent meer dan in september 2025. Voor een gemiddelde benzineauto loopt de brandstofrekening daarmee op tot minstens € 1.550 per jaar, € 321 meer dan vorig jaar. Bij diesel is de stijging € 688. De berekening gaat uit van het fabrieksverbruik, dus het werkelijke bedrag ligt vaak hoger. Twee op de drie automobilisten zeggen hun rijgedrag al aan te passen.

Wat betekent dit voor jou?

Rijd je veel zakelijke kilometers, dan wordt brandstof een steeds grotere kostenpost. Welke auto je rijdt, maakt veel uit. Bij hetzelfde aantal kilometers kost een kleine Peugeot 108 zo'n € 1.125 per jaar aan benzine, een BMW 3-serie of Mercedes C-klasse ongeveer € 1.885. Rijden je medewerkers met hun eigen auto, dan dekt de belastingvrije kilometervergoeding van € 0,25 bij deze prijzen vaak niet meer de werkelijke kosten, dus reken op vragen. Goedkoper wordt het voorlopig niet. Het kabinet wil de accijnskorting op benzine en diesel verlengen tot en met 31 december 2027. In 2028 wordt die korting kleiner en per 1 januari 2029 verdwijnt hij helemaal.

Advies van De Zaak: Zet op een rij hoeveel zakelijke kilometers jij en je medewerkers per maand rijden en wat dat bij de huidige prijzen kost. Combineer afspraken in één rit en vervang overleg waar dat kan door een videocall. Kijk ook of een tankpas met korting op de adviesprijs voor jou loont. Moet je de komende jaren een auto vervangen, reken dan mee dat de accijns vanaf 2028 stijgt.

Belangrijke data voor ondernemers

  • 10 tot en met 18 oktober: herfstvakantie scholen regio noord
  • 17 tot en met 25 oktober: herfstvakantie scholen regio midden en zuid
  • 31 oktober (zaterdag, dus uiterlijk maandag 2 november): uiterste aangifte- en betaaldatum btw derde kwartaal 2026
  • 31 oktober (zaterdag, dus uiterlijk maandag 2 november): uiterste aangifte- en betaaldatum btw maand september 2026
  • 30 november: uiterste aangifte- en betaaldatum btw maand oktober 2026